|
|
|---|
Regels voor de correcte
interpretatie van de H. Schrift

* De letterlijke
betekenis
* Literaire
vormen
* Het beoogde
doel
*Rationaliseringen
Wanneer we de houding van Jezus ten opzichte van vrouwen proberen te
achterhalen, ontdekken we dat hij zich bewust was van hun aanwezigheid onder
zijn toehoorders. Jezus haalt zijn voorbeelden uit het leven van vrouwen
èn mannen. Hij weet dat vrouwen hun schatten bewaren in kistjes en dat
zij een lamp aansteken als de schemer valt. (Mt 6,19-21; 5,15-16). Hij heeft
het over kinderen die aan het spelen zijn op de markt en meisjes die bij een
trouwpartij wachten op de bruidegom (Mt 11,16-19; 25,1-13). Hij vertelt zijn
parabels vaak in tweetallen, een verhaal over een vrouw, parallel aan een over
een man:
- De huisvrouw die gist mengt door het deeg/ de boer die een
mosterdzaadje plant;
- de vrouw die een munt verloor/ de herder die een schaap kwijt
was;
- de weduwe die lastig aandrong bij de rechter / de vriend die s
nachts zijn buurman wakker maakt.
Lc 13,18-21; 15,3-10; 11,5-13 en 18,1-8.
Maria, Jezus moeder heeft beslist veel invloed op hem gehad. Jezus
nam veel van zijn idealen van haar over. Ze moet hem hebben aangemoedigd, toen
hij zijn openbaar dienstbetoon aanving. Sporen hiervan zijn vastgelegd in het
evangelie van Johannes. Bij de bruiloft van Kana was het Maria die hem
aanspoorde zijn eerste wonder te verrichten. "Mijn uur is nog niet gekomen",
protesteerde Jezus. Maar toen ze stilletjes aandrong, kwam hij daar op terug en
luidde zo de Messiaanse tijd in door water te veranderen in wijn. (John
2,1-12).
Op verschillende cruciale punten in zijn leven verwierf Jezus inzichten
en werd hij tot daden aangezet door ontmoetingen met vrouwen.
* Toen de vrouw die leed aan vloeiingen Jezus van achteren aanraakte,
"voelde Hij dat er een kracht van Hem was uitgegaan". Misschien begon
Jezus dienstwerk van genezing wel door dergelijke ontmoetingen (Mc
5,21-43).
* De Syro-Phoenicische bepleitte bij Jezus dat hij de duivel zou
uitdrijven uit haar dochter. Jezus weigerde omdat hij van mening was dat zijn
zending zich beperkte tot zijn eigen volk. De vrouw redeneert echter met hem en
Jezus geeft toe, waardoor hij zijn eerste stap zet op de weg van zijn
universele zending. (Mc 7,24-30).
* In het huis van Maria en Marta ontmoet Jezus misschien voor het
eerst een vrouw, die net als de mannen aan zijn voeten, kiest om leerling te
worden. Jezus is onder de indruk en moedigt haar leerlingschap aan,
hoewel het ingaat tegen de conventionele verwachtingen van de rol van een vrouw
(Lc 10,38-42; vgl. 8,1-3).
Jezus reageerde ook op de stille gebaren van vrouwen: de berouwvolle
prostituee, die olie uitgoot over zijn voeten, de weduwe van Nain, die de baar
volgde van haar dode zoon, de door arthritis kromgegroeide vrouw, de weduwe in
de tempel die twee muntjes in het offerblok wierp, en de vrouwen van Jeruzalem
die schreiden toen zij Jezus zijn kruis zagen dragen (Lc 7,36-50; 7,11-17;
13,10-17; 21,1-4 en 23,27-31).
Door al deze en nog andere teksten weten we zeker dat de historische
Jezus heel goed besefte hoe het vrouwen verging. Hij gaf om hen. Hij leerde van
hen. In hun noden en in hun suggesties herkende hij de werking van de Geest. De
vergeving en verzoening die hij bracht namens de Vader waren evenzeer bestemd
voor vrouwen als voor mannen.
Een analyse van soortgelijke evangelieteksten vindt men in: Elisabeth
MOLTMANN-WENDEL, The Women around Jesus, Londen 1982; A Land Flowing
with Milk and Honey, London 1986, pg. 137-148; Mary GREY, Redeeming the
Dream: feminism, redemption and Christian tradition, Londen 1989, met name
pg. 95-103.
Jezus Christus brengt
bevrijding
We zouden nu kunnen doorstoten naar een dieper niveau en ons afvragen:
Wat heeft Jezus belangstelling de vrouw opgeleverd? Heeft het ook echt
geresulteerd in bevrijding? Is het veelbelovend handelen van Jezus van Nazareth
waargemaakt in de Verrezen Christus?
Het antwoord is: ja! De positie van vrouwen is in de godsdienst bij de
komst van Christus radicaal veranderd. Waar ze slechts indirect had behoord tot
het verbond van Mozes, werd de vrouw nu tot kind van God op gelijke voet met de
man.
In het Oude Testament waren alleen de mannen dragers van het verbond. De
jongens werden besneden als ze acht dagen oud waren (Gn 17,9-14). Het verbond
was dus rechtstreeks gesloten met de mannen. Vrouwen behoorden er slechts toe
door de mannen eerst als dochters van hun vader, daarna als vrouw
van hun man.
Van de man werd verwacht dat hij offers opdroeg in de tempel. Driemaal
per jaar, en wel op de drie hoogtijdagen, dienden alle mannen te verschijnen
voor het aangezicht van Jahweh (Ex 23,17). De vrouwen mochten meekomen en
deelnemen aan de offermaaltijd, net als de kinderen, de slaven en de gasten.
Maar het was niet echt hun eigen offer. De voornaamste reden
(rationalisatie!) was dat de vrouw net als kinderen, slaven en vee, het
eigendom waren van de man (vgl. Ex 20,17). Met een goede vrouw is men
goed bedeeld (Sir 26,3; vgl. Spr 31,10). De man kon praktisch willekeurig
van zijn vrouw scheiden, de scheiding kon niet van haar uitgaan (Dt 24,1-4).
Een godsdienstige gelofte van een vrouw was alleen maar geldig als die werd
bekrachtigd door haar vader of haar man. (Nu 30,2-17).
In de tempel te Jeruzalem konden vrouwen door de scheidingsmuur binnen
in de vrouwenvoorhof. Verder mochten ze niet. Anderzijds konden de mannen de
hof van Israel binnengaan. Dit hof was tegenover het brandofferaltaar en daar
namen de priesters de offergaven in ontvangst. Toen Maria en Jozef Jezus
opdroegen in de tempel, moest Maria achterblijven in de vrouwenhof, terwijl
Jozef het kind Jezus en de tortelduiven binnenbracht in de hof van Israel. Daar
in de vrouwenhof ontmoetten zij Simeon en Anna (Lc 2,22-38).
In het traditionele Jodendom bestond hetzelfde onderscheid. De mannen
moesten de gebruikelijke gebeden zeggen. De mannen hadden de voornaamste
plaatsen in de synagoge. De mannen konden voorlezen uit de Torah. Alleen een
tiental mannen kon het quorum, minyan, uitmaken, dat vereist werd voor het
openbaar gebed. De jongens werden op dertienjarige leeftijd ingeleid in hun
plichten als volwassenen door de Bar Mitzvah ceremonie. Voor de meisjes bestond
iets dergelijks niet.
Eerst sinds AD 1810, is bij het zogenaamde Hervormde Jodendom meer
aandacht gegeven aan de vrouw. Tegenwoordig is een Bar Mitzvah ceremonie voor
vrouwen heel gewoon. Voor een orthodoxe uitleg van de plichten van de vrouw in
het Jodendom, zie D.EISENBERG, A Guide for the Jewish Woman and Girl,
Brooklyn 1986. Een feministische benadering van hedendaagse issues (hete
hangijzers) vindt men bij de liberale rabbijn Julia NEUBERGER in
Whatevers happening to Women?, Londen 1991.
Tegen deze achtergrond kunnen we de revolutionaire verandering die
Christus gebracht heeft op haar volle waarde schatten. Want mannen èn
vrouwen worden deelgenoot van het nieuwe verbond door een en dezelfde rite, te
weten het doopsel. Eerder hebben we al gezien dat we in het doopsel sterven met
Christus om met hem op te staan. Mannen zowel als vrouwen ondergaan deze
hervorming en worden daardoor tot een nieuwe schepping.
Om die reden delen mannen en vrouwen gelijkelijk in de eucharistische
maaltijd en hebben zij gelijke godsdienstige verplichtingen. Dit zijn
feitelijke veranderingen die enorme gevolgen hebben. Luisteren we naar Paulus:
Want u bent allemaal kinderen van God
door
het geloof in Christus Jezus.
want allemaal bent u in Christus
gedoopt,
met Christus bekleed.
Er is geen Jood of Griek
meer,
er is geen slaaf of vrije,
het is niet man en
vrouw:
u bent allemaal één in Christus Jezus.
Gal 3,27-28
Let wel: Christus heeft revolutionaire veranderingen teweeggebracht in
de feitelijkheid van de verhouding van mens tot God. Maar deze religieuze
feitelijkheid moest en moet nog steeds vertaald worden in sociale en kerkelijke
werkelijkheid.
De katholieke kerk discussieert nog steeds over de gevolgen. Er waren
meer dan 19 eeuwen nodig vóór de kerk openlijk aanvaardde dat
slavernij onverenigbaar is met Gods plannen en tegen de geest van Christus
indruist (Vatican II, Gaudium et Spes no 29). Momenteel verzet de kerk
zich nog steeds tegen het toelaten van vrouwen tot het sacramentele
priesterschap. Uiteindelijk zal de kwestie worden opgelost op grond van de
fundamentele gelijkheid, die is gebracht door Christus.
John Wijngaards
Vertaling: Theresia Saers
- aanvaardde dominantie van mannen als een
cultureel feit (nl)
- was oprecht menselijk
(nl)
- groeide in wijsheid (nl)
- wist niet alles (nl)
- liet beslissingen over aan de latere kerk
(nl)
- was open voor vrouwen
(nl)
- stelde een radicaal nieuw priesterschap in.
(nl)
Klik
hier als U onze campagne voor de wijding van vrouwen aktief wilt
steunen..

![]() |
In dit boek gaat Hans Wijngaards in op belangrijke historische bronnen, vanaf het begin van het christendom tot het jaar 900. Hij bewijst op overtuigende wijze dat vrouwen de rol van diaken op zich namen en hiertoe ook gewijd werden. Met zijn historische studie levert Wijngaards een belangrijke bijdrage aan het actuele debat over de wijding van vrouwen tot diaken. Klik hier! |