|
Regels voor de correcte
interpretatie van de H. Schrift

* De letterlijke
betekenis
* Literaire
vormen
* Het beoogde
doel
*Rationaliseringen
1. De joodse samenleving had haar eigen sociale mythe
ontwikkeld van overheersing door de man. Deze sociale mythe werd
vanzelfsprekend onderdeel van de Heilige Schrift. Evenals de platte
aarde theorie onderdeel was van de scheppingsverhalen zonder daarmee aan
te geven dat deze theorie door God is goedgekeurd, evenzo liet de structuur van
de samenleving haar stempel na op verscheidene religieuze teksten, zonder dat
die viel binnen haar leerstellingen.
2. Zowel in het Oude als in het Nieuwe Testament vormden de joden een
door mannen overheerste maatschappij. De vader (de patriarch) was het centrum
van alle betrekkingen in het gezin.
- Hij kon scheiden van zijn vrouwen wanneer hij dat wilde (Gen 16, 1-6;
Dt 24, 1-4; Mt 19, 3-9).
- Hij besliste over de toekomst van zijn kinderen en had absoluut gezag
over hen (Gen 43, 1-15; 2 Sam 13, 23-27; Mt 21, 28-31).
- Hij was in alle opzichten het hoofd van het gezin (Ps 127, 3-5; 128,
1-6; enz.).
- De man ontving de bezittingen van het gezin (vgl. de uitzondering in
het geval van de dochters van Zelophehad, Num (27, 1-11; 36, 1-12).
- Het was de man die als enige eigenaar van het familiegoed dit onder
zijn zonen kon verdelen (Dt 21, 15-17; Lk 15, 11-32).
- Die mannelijke overheersing vindt men uitgedrukt in de Hebreeuwse
taal. "Ishâh" (vrouw) is afgeleid van "ish" (man) (Gen 2, 23).
3. Bij de joden vinden we evenals bij andere samenlevingen een sterke
culturele mythe, bedacht om de centrale positie van de man te onderstrepen. De
werking van deze mythe valt aan te tonen uit de eindeloze uitwerkingen ervan in
het joodse denken buiten de bijbel. De minderwaardigheid van de vrouw wordt
aangetoond door de schepping van Adam te maken tot een glorieus succes, terwijl
de verschillende pogingen van God om de vrouw te scheppen worden gepresenteerd
als een serie mislukkingen.
- "Eva zelf leek op een aap vergeleken bij Adam, wiens hiel laat
staan zijn gelaat - helderder scheen dan de zon:" (B. Baba Bathra 58a;
Lev. Rab. 20.2).
- God schiep Lilith (de vrouw) maar voor haar gebruikte hij vuil en
modder in plaats van zuiver stof (Yalqut Reubeni ad. Gen. II. 21; IV.
8).
- Litith weigerde onder Adam te gaan liggen en eindigde als de moeder
van vele duivels (Num. Rab. 16.25).
- De liefdesdaad is een kwaad dat Adam en Eva hebben geleerd van
Samael, de duivel, nadat zij het paradijs uitgezet waren (Sefer Adam
64-67 p.35.
R. GRAVES en R. PATI. Hebrew Myths, London,Cassell 1964, pgg., 65 69:
89-90.
4. Het hoeft ons niet te verbazen dat de sociale mythe
van mannelijke overheersing de volgende aspecten van de Heilige Schrift heeft
beïnvloed:
(a) Godsbeelden. De godenwereld, zoals de mens zich die
voorstelt, is één van de manieren waarop de sociale mythe wordt
versterkt. Daarom wordt Yahweh vanzelfsprekend opgevoerd als een man en
Christus kon niet worden verstaan als incarnatie van God tenzij hij een man
was.
(b) Sacramentele Liturgie. De regels die in het Oude Testament de
priesterlijke bediening beperkten tot mannen (Lev 8), en vrouwen slechts
toelieten in een gedeelte van de tempel, en het baren van kinderen onrein
noemden (Lev 12, 1-8: 15, 19-24), illustreren het feit dat de sociale mythe in
de liturgie uitdrukking kreeg. Sporen hiervan treft men nog aan in het feit dat
de eerste christenen het niet op prijs stelden dat vrouwen volledig deelnamen
aan de liturgie. (1 Cor 11, 2-16; 14,33).
(c) De gezinsethiek. De plichten van een vaderten opzichte van
zijn vrouw (Sir 9, 1-9; 36, 21-27) of zijn kinderen (Sir 7, 22-26; 22, 3-6; 42,
9-11), die van een vrouw tegenover haar man (Sir 25, 13-26; 26, 1-18) en van
kinderen tegenover hun ouders (Sir 3, 1-16; 7, 27-28; 25, 3-6) zijn allemaal
uitwerkingen van de sociale structuur vervat in de mythe.
De vroegchristelijke gezinscode weerspiegelt nog dezelfde sociale
waarden wanneer deze de rol beschrijft van de man (1 Pe 3, 7; Kol 3, 19, Ef 5,
25-26), van de vrouw (1 Pe 3, 1-6; Kol 3, 18; Ef 5. 22-23; 1 Tim 2, 9-15) en
van de kinderen (Kol 3, 20; Ef 6, 1-3).
(d) Religieuze symboliek. Het beeld van het huwelijk tussen
Jahweh en Israel behoort hiertoe (Hos 3, 1-5; enz.). Afgodendienst wordt
vergeleken met overspel (Ez 16, 15-43; enz.). God spreekt ook als een vader die
zijn kinderen bestraft (Js 1, 2-6; 43, 5-7; etc.)
Het feit dat dit patroon van waarden alles doordringt is te wijten aan
de fundamentele rol die de sociale mythe speelt in de
maatschappijopbouw.
5. Vanuit schriftuurlijk oogpunt is het belangrijk dat we dit sociale
aspect herkennen zodat we het duidelijk kunnen onderscheiden van hetgeen tot de
openbaring behoort. Het Woord van God voor de mensen moest noodzakelijkerwijs
gesproken worden in mensentaal en verstaan worden in de culturele denkwijze van
de mensen die de boodschap ontvingen. Het zou een noodlottige theologische
blunder zijn, indien we het medium, de mensentaal, zouden verwarren met de
goddelijke boodschap zelf.
Vertaling: Theresia Saers
Klik
hier als U onze campagne voor de wijding van vrouwen aktief wilt
steunen..

![]() |
In dit boek gaat Hans Wijngaards in op belangrijke historische bronnen, vanaf het begin van het christendom tot het jaar 900. Hij bewijst op overtuigende wijze dat vrouwen de rol van diaken op zich namen en hiertoe ook gewijd werden. Met zijn historische studie levert Wijngaards een belangrijke bijdrage aan het actuele debat over de wijding van vrouwen tot diaken. Klik hier! |