OOK VROUWEN PRIESTER? JAZEKER!header

Responsive image

BEGIN

REDEN GENOEG

TEGEN DE PAUS?

DEBAT

MENU

Nederlands/Vlaams Deutsch Francais English language Spanish language Portuguese language Catalan Chinese Czech Malayalam Finnish Igbo
Japanese Korean Romanian Malay language Norwegian Swedish Polish Swahili Chichewa Tagalog Urdu
------------------------------------------------------------------------------------
Jezus’ houding

Jezus’ houding

Uit “INTER INSIGNIORES”:

DE HOUDING VAN CHRISTUS

(Het cursief in de tekst is van John Wijngaards)

Arms of John Paul II

9. Christus Jezus heeft onder de twaalf geen vrouw opgenomen. Wanneer Hij zo deed, gebeurde dit niet, omdat Hij zich aanpaste aan de gewoonten van zijn tijd, want zijn omgang met vrouwen onderscheidde zich opvallend van die van zijn medeburgers en Hij nam bewust en moedig afstand van hun wijze van handelen.

10. Zo spreekt Hij tot verwondering van zijn eigen leerlingen openlijk met de samaritaanse vrouw (vgl. Joh. 4, 27); houdt volstrekt geen rekening met de wettelijke onreinheid van de vrouw die aan bloedvloeiing leed (vgl. Mt. 9, 20-22); laat zich in het huis van Simon de farizeeër aanraken door een zondige vrouw (vgl. Lc. 7, 37 en vv.); wanneer Hij de op overspel betrapte vrouw vergeeft, wil Hij leren, dat men tegen vergrijpen van vrouwen niet strenger moet optreden dan tegen die van mannen (vgl. Joh. 8, 1 l); Hij aarzelt niet afstand te nemen van de wet van Mozes om de gelijkheid van rechten en plichten van man en vrouw ten aanzien van de huwelijksband te benadrukken (vgl. Mc. 10, 2-11; Mt. 19, 3-9).

11. Toen Jezus dan ook rondreizend het rijk van God verkondigde, koos Hij niet alleen de twaalf tot gezellen maar ook vrouwen, onder wie Maria, die Magdalena wordt genoemd, uit wie zeven duivels waren weggegaan, Johanna, de vrouw van Herodes' rentmeester Chuzas, Susanna en vele anderen, die uit eigen middelen voor hen zorgden (Lc. 8, 2-3). Hoewel, getuige het joodse recht, volgens hebreeuwse opvatting het getuigenis van vrouwen niet veel waarde had, zagen toch vrouwen als eersten de uit de doden verrezen Heer en gaf Hij haar de opdracht de eerste paasboodschap aan zijn apostelen te brengen (vgl. Mt. 28, 7-1 0; Le. 24, 9-10; Joh. 20, 11-18) om hen voor te bereiden later de officiële getuigen van de verrijzenis te worden.

12. Dit alles - dat moet men toegeven - is evenwel niet in die mate duidelijk, dat het ieder onmiddellijk aanspreekt, wat echter niet te verwonderen is, daar de vragen die Gods woord oproepen verder gaan dan de antwoorden reiken; want om de uiteindelijke zin zowel van Jezus' zending als van de schrift te begrijpen, volstaat niet een louter historische verklaring van de teksten uit te werken. Men moet hier toch feitelijk als het ware een aaneengesloten reeks feiten erkennen die in dezelfde richting neigen en nog meer verwondering wekken, dat Jezus de apostolische(10) opdracht niet aan vrouwen heeft toevertrouwd. Zelfs zijn moeder, zo nauw verbonden met het mysterie van haar Zoon, wier bijzondere taak in de evangeliën van Lucas en Johannes naar voren wordt gebracht, kreeg het apostelambt niet toegewezen. Dit bracht de vaders ertoe Maria als voorbeeld aan te halen voor Christus' wil in dezen: en dezelfde leer heeft in het begin van de dertiende eeuw paus Innocentius III nog eens bekrachtigd, toen hij schreef: Ofschoon de allerheiligste maagd Maria alle apostelen in waardigheid en verhevenheid overtrof, heeft de Heer de sleutels van het hemelrijk niet aan haar, maar aan hen toevertrouwd.(11)

Voetnoot 10. Sommigen werpen op, dat Jezus twaalf mannen heeft gekozen om een allegorisch teken te stellen, daar Hij in een figuur wilde uitbeelden, dat deze twaalf de persoon van hen zullen spelen die de twaalf stammen van Israël hadden voortgebracht (vgl. Mt. 19, 28; Lc. 22, 30). Maar in de teksten die hiertoe worden aangehaald, wordt niets beweerd, tenzij dat de twaalf deel zullen nemen in het eschatalogisch oordeel. De echte reden, waarom de twaalf werden gekozen, wordt eerder verstaan vanuit heel hun taak waartoe zij geroepen zijn (vgl. Mc. 3, 14), om namelijk Christus onder de mensen te vertegenwoordigen en zijn werk voort te zetten.

Voor de volledige tekst, zie: INTER INSIGNIORES.

Uit het Commentaar van de Heilige Congregatie voor de geloofsleer aangaande de Verklaring Inter Insigniores:

De houding van Christus

Sacred Congregation for Doctrine

40. Het blijkt dus, dat in het licht van de traditie de wezenlijke reden die de kerk ertoe heeft gebracht om alleen mannen tot het wijdingssacrament en de strikt priesterlijke bediening te roepen haar bedoeling is om trouw te blijven aan het soort gewijde bediening zoals deze door de Heer Jezus Christus is gewild en zorgvuldig is gehandhaafd door de apostelen. Het is daarom niet verwonderlijk, dat in het geschil een zorgvuldig onderzoek heeft plaats gehad naar de feiten en de teksten van het Nieuwe Testament, waarin de traditie een normatief voorbeeld heeft gezien.

41. Dit brengt ons op een fundamenteel gezichtspunt: men moet niet verwachten, dat het Nieuwe Testament op zichzelf op een duidelijke manier de kwestie van een eventuele toelating van vrouwen tot het priesterschap kan oplossen, evenmin als het ons op zich alle inzicht kan geven over bepaalde sacramenten en in het bijzonder over de structuur van het wijdingssacrament.

42. Wanneer men zich alleen wil houden aan de heilige tekst en aan de historische punten van de oorsprong van het christendom die kunnen worden achterhaald door de tekst op zichzelf te analyseren, houdt dat in, dat men vier eeuwen in de geschiedenis terug gaat, waarbij men zich dan eens te meer bevindt in de reformatorische controversen. We kunnen de studie van de traditie niet achterwege laten: de kerk onderzoekt de bedoeling van de Heer door het lezen van de Heilige Schrift en het is de kerk die getuigenis geeft van de juistheid van de interpretatie.

43. Het is de traditie die onophoudelijk als een uitdrukking van Christus' wil het feit naar voren heeft gebracht, dat Hij alleen mannen heeft uitgekozen om de groep van twaalf te vormen. Er bestaat hierover geen discussie, maar kan niet absolute zekerheid worden bewezen, dat het een vrije beslissing was van Christus.

44. Het is begrijpelijk, dat de voorstanders van een verandering in de discipline alle krachten inzetten om de betekenis van dit feit ongedaan te maken. Zij werpen met name tegen, dat, wanneer (Christus geen vrouwen opnam in de groep van twaalf, dat gebeurde, omdat de vooroordelen van zijn tijd hem dat niet toestonden - het zou een onvoorzichtigheid zijn geweest die zijn werk onherstelbaar zou hebben geschaad.

45. Niettemin moet worden erkend, dat Jezus niet terugschrok voor andere 'onvoorzichtigheden', waardoor hij zich in feite de vijandschap van zijn medeburgers op de hals haalde, bijzonder door zijn vrijheid met betrekking tot de rabbijnse interpretaties van de sabbat. Ten opzichte van de vrouw was zijn houding totaal nieuw: alle commentatoren erkennen, dal hij zich keerde tegen vele vooroordelen, en de feiten die hiervan getuigen, lopen op tot een indrukwekkend geheel.

46. Daarom wordt er nu op een andere tegenwerping grotere nadruk gelegd: als Jezus alleen mannen uitkoos om de groep van de twaalf te vormen, was dat, omdat Hij hen bedoelde als symbool om de vaders van de twaalf stammen van Israël te representeren (Gij die mij gevolgd zijt, zult gezeten zijn op twaalf tronen en heersen over de twaalf stammen van Israël': Mt. 19, 28: vgl. Lc. 22, 30); dit bijzonder motief, zo wordt eraan toegevoegd, had duidelijk alleen betrekking op de twaalf en zou geen bewijs zijn, dat het apostolisch ambt daarna altijd aan mannen zou zijn voorbehouden. Het is geen overtuigend argument.

47. Wij willen in de eerste plaats aantekenen, hoe weinig belang er aan dit symbolisme werd gegeven: Marcus en Johannes vermelden het niet. En in Matteüs en Lucas wordt dit woord van Jezus over de twaalf stammen van Israël niet geplaatst in de context van de roeping van de twaalf (Mt. 10, 1-4). maar in een betrekkelijk laat stadium van Jezus' openbaar leven, wanneer de apostelen reeds lang hun 'statuut' hebben gekregen: zij zijn door Jezus geroepen, hebben met Hem gewerkt en zijn uitgezonden.

48. Bovendien is het symbolisme van Mt. 19, 28 en Lc. 22, 30 niet zo zeker als wordt gezegd: het getal twaalf zou heel eenvoudig het geheel van Israël kunnen betekenen. Tenslotte houden deze twee teksten zich slechts bezig met een bijzonder aspect van de zending van de twaalf: Jezus belooft hun, dat zij zullen deelnemen aan het eschatologisch oordeel.(39) Daarom moet de wezenlijke betekenis van hun uitverkiezing niet worden gezocht in dit symbolisme maar in de totaliteit van de zending die zij van Jezus hadden ontvangen: 'Hij stelde er twaalf aan om Hem te vergezellen en door Hem uitgezonden te worden om te prediken' (Mc. 3, 14).

49. Zoals Jezus vóór hen, waren de twaalf er vooral om het evangelie te prediken (Mc. 3, 14; 6, 12). Hun zending in Galilea (Mc. 6, 7-13) zal het model worden van de universele zending (Mc. 12, 10; vgl. Mt. 28, 16-20). Binnen het messiaanse volk vertegenwoordigen de twaalf Jezus. Dat is de werkelijke reden, waarom het passend is, dat de apostelen mannen moeten zijn: zij handelen in naam van Christus en moeten zijn werk voortzetten. Het is boven beschreven, hoe paus Innocentius III een getuigenis zag van de bedoelingen van Christus in het feit, dat Christus de macht niet meedeelde aan zijn moeder, ondanks haar eminente waardigheid, maar aan de apostelen.

Voor de volledige tekst, zie: Officieel Commentaar op INTER INSIGNIORES.

Klik hier als U onze campagne voor de wijding van vrouwen aktief wilt steunen..

historische overzichten


This website is maintained by the Wijngaards Institute for Catholic Research.

John Wijngaards Catholic Research

since 11 Jan 2014 . . .

John Wijngaards Catholic Research