OOK VROUWEN PRIESTER? JAZEKER!header

Responsive image

BEGIN

REDEN GENOEG

TEGEN DE PAUS?

DEBAT

MENU

Nederlands/Vlaams Deutsch Francais English language Spanish language Portuguese language Catalan Chinese Czech Malayalam Finnish Igbo
Japanese Korean Romanian Malay language Norwegian Swedish Polish Swahili Chichewa Tagalog Urdu
------------------------------------------------------------------------------------
Paulus' houding jegens vrouwen

Paulus' houding jegens vrouwen

Uit INTER INSIGNIORES:

(Het cursief in de tekst is van John Wijngaards)

Arms of John Paul II

15. Toen zij en Paulus de grenzen van de joodse wereld overschreden, waren zij, om het evangelie en het christelijk leven aan mensen te verkondigen die aan de griekse en romeinse cultuur en beschaving gewend waren, genoodzaakt, nu en dan zelfs met pijn, aan het onderhouden van de mozaïsche wet een einde te maken. Zij hadden dus, tenzij het hun overtuiging was op dit punt trouw aan Christus te moeten blijven, op het idee kunnen komen vrouwen de wijding toe te dienen. Bij de grieken van die tijd waren er vele offers aan bepaalde goden die door vrouwen pleegden voltrokken te worden. De grieken weken namelijk van de opvattingen van de joden af: ofschoon hun filosofen verkondigden, dat de vrouw minder is dan de man, bestonden er onder hen toch stromingen om de waardigheid van de vrouw enigszins te bevorderen welke geschiedschrijvers vermeldenswaard vonden en die in de keizertijd toenamen. Inderdaad blijkt uit de Handelingen van de Apostelen en de brieven van de heilige Paulus, dat sommige vrouwen met de apostel samenwerkten voor het evangelie (vgl. Rom. 16, 3-12-1 Fil. 4, 3); en dankbaar noemt hij de namen van enkelen bij de groeten waarmee hij zijn brieven besluit; bij het bewerken van bekeringen hadden verschillende van deze vrouwen geen gering aandeel, zoals Priscilla, Lydia en anderen; vooral echter Priscilla, want Priscilla en Aquila namen Apollos mee en legden hem de weg van God nauwkeuriger uit (vgl. Hand. 18, 26); ook Febe, die diacones van de gemeente te Kénchreae was (Rom. 16, l). Uit dit alles blijkt duidelijk, dat de gebruiken van de kerk van de apostelen ver afweken van de gebruiken van de joden; toch hebben zij er nooit aan gedacht aan deze vrouwen de wijding toe te dienen.

16. Exegeten van naam hebben erop gewezen, dat er in de brieven van Paulus verschillende zegswijzen door de apostel worden gebruikt, want, als hij schrijft mijn mede-arbeiders (Rom. 16, 3; Fil. 4, 2-3), noemt hij zonder onderscheid mannen en vrouwen die hem op een of andere wijze helpen bij het evangelie; de naam Gods medewerkers (1 Kor. 3, 9; vgl. 1 Tess. 3, 2) reserveert hij voor Apollos, Timóteüs en zichzelf, Paulus, daar zij immers onmiddellijk voor de apostolische bediening en de prediking van het woord Gods zijn afgezonderd. Hoe belangrijk de taak van de vrouwen op de dag van de verrijzenis ook was geweest, toch werd haar medewerking door Paulus niet zodanig uitgestrekt, dat zij de openbare taak vervulden officieel de boodschap te verkondigen welke het eigene is van de ene apostolische zending.

Voor de volledige tekst, zie: INTER INSIGNIORES.

Uit het Commentaar van de Heilige Congregatie voor de geloofsleer aangaande de Verklaring Inter Insigniores:

Sacred Congregation for Doctrine

54. Het is waar, dat de joodse mentaliteit geen grote waarde toekende aan het getuigenis van vrouwen, zoals door de joodse wet wordt aangetoond. Maar men moet daarbij ook opmerken, dat de Handelingen van de Apostelen en de brieven van de heilige Paulus nadruk leggen op de rol van de vrouwen bij de evangelisatie en het onderricht van individuele bekeerlingen.

55. De apostelen werden ertoe gebracht een revolutionaire beslissing te nemen, toen zij uit hun eigen kring van de joodse gemeenschap moesten treden en moesten beginnen aan de evangelisatie van de heidenen. De breuk met de mozaïsche gebruiken was niet zonder onenigheid tot stand gekomen. Paulus had zich geen scrupules gemaakt bij zijn keuze van een van zijn medewerkers, Titus, die een van de bekeerlingen uit de heidenen was (Gal. 2, 3).

56. De meest spectaculaire uitdrukking van de verandering welke het evangelie in de mentaliteit van de eerste christenen had bewerkt, treft men nauwkeurig aan in de Brief aan de Galaten: 'Want gij allen die in Christus zijt gedoopt, zijt met Christus bekleed. Er is geen jood of heiden meer, er is geen slaaf of vrije, er is geen man of vrouw: allen tezamen zijt gij één persoon in Christus Jezus' (Gal. 3, 27-28).

57. Ondanks dat vertrouwden de apostelen vrouwen niet het strikt apostolisch ambt toe, ofschoon de hellenistische beschaving niet dezelfde vooringenomenheid ten opzichte van haar had als het jodendom. Het is eerder een ambt van een andere orde, zoals misschien uit het paulinisch woordgebruik valt op te maken, waarin een verschil lijkt te worden gemaakt tussen 'mijn medewerkers' (synergoi mou) en 'Gods medewerkers' (Theou synergoi).(41)

Voetnoot 41. I.de la Potterie, Titres missionnaires du chrétien dans le Nouveau Testament (Rapports de la XXXIème semaine de Missiologie, Louvain, 1966), Paris, Desclée de Brouwer, 1966, blz- 29-46, vgl. blz. 44-45.

58. Herhaald moet worden, dat de teksten van het Nieuwe Testament, zelfs op zulke belangrijke punten als de sacramenten, niet altijd dat volle licht geven dat men erin zou wensen aan te treffen. Tenzij de waarde van de ongeschreven tradities wordt erkend, is het soms moeilijk in de schrift heel uitdrukkelijk aanwijzingen te vinden van de wil van Christus. Maar met het oog op de houding van Jezus en de praktijk van de apostelen die men in de evangeliën, de Handelingen en de brieven aantreft, heeft de kerk niet gemeend, dat zij gemachtigd is vrouwen tot de priesterwijding toe te laten.

Voor de volledige tekst, zie: Official Commentary on INTER INSIGNIORES.

Klik hier als U onze campagne voor de wijding van vrouwen aktief wilt steunen..

historische overzichten

Vertaling van kommentaar fragmenten door Isaac Wüst


This website is maintained by the Wijngaards Institute for Catholic Research.

John Wijngaards Catholic Research

since 11 Jan 2014 . . .

John Wijngaards Catholic Research