OOK VROUWEN PRIESTER? JAZEKER!header

Responsive image

BEGIN

REDEN GENOEG

TEGEN DE PAUS?

DEBAT

MENU

Nederlands/Vlaams Deutsch Francais English language Spanish language Portuguese language Catalan Chinese Czech Malayalam Finnish Igbo
Japanese Korean Romanian Malay language Norwegian Swedish Polish Swahili Chichewa Tagalog Urdu
------------------------------------------------------------------------------------

Waar gaat het eigenlijk om?

    Verwijzingen
Zijn sommige dingen te heilig voor vrouwen  .  .?De Kerk - en ik denk hier vooral aan de Rooms Katholieke Kerk - moet zich in ieder tijdperk aanpassen aan de omstandigheden. Honderd jaar geleden stonden vrouwen op een lagere rang in de Kerk, zoals ook in de maatschappij. Vrouwen mochten tijdens hun maandperioden geen Communie ontvangen. En na de geboorte van een kind moesten zij gezuiverd worden door de kerkgang vóór zij een kerkgebouw weer mochten betreden (*). Het was vrouwen streng verboden ‘gewijde voorwerpen’ aan te raken, zoals de kelk, de pateen of de vingerdoekjes (*). Zij mochten zeker niet de Heilige Communie uitdelen (*). Vrouwen moesten in de kerk het hoofd bedekken (*). Het was vrouwen ook verboden om:
--- de altaarruimte te betreden, behalve om ze schoon te maken (*);
--- de lezingen te verzorgen tijdens de Mis (*);
--- te preken (*);
--- lid te zijn van een kerkkoor;
--- Mis te dienen (*);
--- volledig lid te zijn van parochiebewegingen en organisaties (*).
Belangrijker dan dit alles: vrouwen werden geweerd van het priesterlijke ambt (*).
 

Background music?

De verboden die met een ster zijn aangegeven golden nog in het kerkelijke rechtboek dat in 1917 werd afgekondigd en tot 1983 van kracht bleef!
     
In onze tijd zijn wij ons meer bewust geworden van mensenrechten, ook van de gelijkwaardigheid tussen man en vrouw en de behoefte om voor allen gelijke mogelijkheden te scheppen. Dit heeft ook zijn invloed gehad op de houding tegenover vrouwen in de Kerk. Vrouwen mogen nu ‘tijdelijk’ gedelegeerd worden om Mis te dienen, vóór te lezen, te zingen, te preken, gebedsdiensten te leiden, het doopsel toe te dienen en Communie uit te delen.
Maar het verbod op de wijding van vrouwen blijft gehandhaafd.
  Enkele verbeteringen zijn vervat in het nieuwe kerkelijk recht (1983).
     
Waarom?    
     
Conservatieve theologen, gesteund door de Congregatie voor Geloofsleer in Rome, geven toe dat de andere beperkingen die aan vrouwen werden opgelegd te wijten waren aan vooroordelen. Zij zeggen, echter, dat het verbod op de wijding van vrouwen behoort tot de onveranderlijke katholieke leer. “Jezus Christus zelf heeft vrouwen uitgesloten van het priesterlijke ambt en de Kerk heeft zijn voorbeeld altijd gevolgd door nooit vrouwen tot priester te wijden.”   Lees de argumenten van Rome in deze samenvatting.
     
Zonder twijfel is dit een belangrijke zaak. Als de leiders in het Vaticaan zich vergissen - en met het merendeel der katholieke theologen ben ik daarvan overtuigd! - , dan wordt de Kerk grote schade toegebracht door zo’n ingrijpende pastorale ontwikkeling tegen te houden.   Het is de plicht van theologen hun bezwaren duidelijk te maken.
     
Veel mensen denken misschien dat dit een kwestie van ‘gelijke rechten’ betreft, een zaak van emancipatie voor de vrouw, maar dat is niet zo. Tenminste niet op de eerste plaats. Het doorslaggevend argument voor ons, Katholieken, is altijd geweest om de bedoeling van Christus trouw te blijven en de betekenis van de overlevering te begrijpen. De vraag of vrouwen priester gewijd mogen worden of niet, mag niet beslist worden door sociale druk. Het kan alleen maar beslist worden door een studie van de bronnen. Heeft Jezus zelf vrouwen uitgesloten? Waarom werden vrouwen vroeger niet gewijd? Zijn er geldige theologische redenen om vrouwen van het ambt uit te sluiten? Dit zijn de argumenten die uitsluitsel moeten geven.   Van de andere kant, moeten wij wel van echte discriminatie spreken, als de weigering van het priesterschap niet voortvloeit uit de bedoeling van Christus, maar uit de vooroordelen van de Kerk . . . !
     
Ofschoon ik mijn feministische theologische collega’s respekteer, ben ik zelf geen feminist.   Kijk even naar de oorsprong van mijn eigen onderzoek.
     
Wat dacht Jezus er zelf van?    
     
Mogen we Jezus de schuld  geven  .  .  ?De Evangelies maken duidelijk dat mannen en vrouwen gelijk waren voor Christus. Beiden ‘gaan God’s koninkrijk binnen’ door het doopsel, terwijl in het Oude Testament alleen mannen de besnijdenis ontvingen. Waarom heeft Jezus dan alleen mannen uitgekozen om zijn twaalf apostelen te vormen? Waarschijnlijk om praktische redenen -- zoals hij enkel Joden uitkoos. Het zou verkeerd zijn daaruit af te leiden dat hij daarmee een vaste norm wilde vastleggen die altijd zou gelden. Zoals in zovele andere zaken, heeft Jezus ook hier de nauwkeurige uitwerking van de sacramenten aan de latere Kerk overgelaten.   De Heilige Schrift laat de vraag inzake de wijding van de vrouw open.
     
Enkele passages in de brieven van Paulus, bijvoorbeeld dat vrouwen haar hoofd moeten bedekken, onderworpen moeten zijn aan hun echtgenoten en hun mond moeten houden in de kerk, mogen niet worden gehanteerd als redenen om vrouwen uit het priesterschap te weren.   Wij mogen niet méér in schriftuur teksten leggen dan door de geïnspireerde schrijver bedoeld werd.
     
Gedurende de eerste eeuwen na Christus werden verantwoordelijke ambten toevertrouwd aan vrouwen, onder andere het diakonaat. Geschiedkundige bronnen tonen aan dat vrouwen in het oosterse deel der Katholieke Kerk als diakens fungeerden tot ver in de 9de eeuw. Aangezien zij diakens werden door een volle sacramentele wijding, identiek aan de wijding van mannelijke diakens, is het duidelijk dat vrouwen in feite al gewijd zijn. Dit sluit de mogelijkheid van de priesterwijding in, omdat de drie graden (diakonaat, priesterschap en episcopaat) tot hetzelfde sacrament behoren.   Het vergeten feit van de‘vrouwelijke diakens’ bewijst de mogelijkheid van de vrouwelijke priesterwijding.
     
Waarom heeft de Kerk vrouwen dan niet tot priester gewijd?    
     
Een drievoudig vooroordeel heeft in afgelopen eeuwen de wijding van vrouwen geblokkeerd:    
Hebben Kerkvaders  altijd gelijk   .  . ?1. Vrouwen werden beschouwd lagere wezens te zijn. De Griekse filosofie verklaarde dat elke vrouw ‘een onvoltooide mens’ is. De Romeinse wet, die ook in de Kerk maatgevend werd, sloot vrouwen uit van iedere publieke verantwoordelijkheid. Als iedereen zo dacht, hoe kon men dan aan vrouwen de leiderschapsfunctie van het priesterschap toevertrouwen?   Vrouwen werden beschouwd minder dan mannen te zijn.
2. Vrouwen werden beschouwd zich in een conditie van straf te bevinden, door hun aandeel in zonde. Men hield vrouwen verantwoordelijk voor de zondeval en erfzonde. Vrouwen waren een voortdurende verleiding tot zonde. Hoe zouden zulke zondige wezens instrumenten van Gods genade kunnen zijn?   Men dacht dat God vrouwen aan mannen had onderworpen als straf voor haar zonden.
3. Vrouwen werden beschouwd ritueel onrein te zijn door hun maandelijkse bloedingen. Hoe kon men vrouwen toelaten de heiligheid van kerkgebouw, altaarruimte en gewijde vaten te bezoedelen?   Maandbloeding bracht bevuiling, naar algemeen oordeel.
     
Let op! Ofschoon deze vooroordelen sociaal en kultureel van oorsprong waren, werden zij echte theologische vooroordelen. Zij waren de werkelijke redenen waarom vrouwen van het priesterambt bleven uitgesloten, zoals duidelijk blijkt uit de geschiften van kerkvaders, plaatselijke concilies, kerkelijke leiders en middeleeuwse theologen.   De bronnen bewijzen dit ten voeten uit!
     
Hieruit blijkt dat de zogenaamde ‘overlevering’ om vrouwen niet te wijden een valse overlevering was. Een echte en geldige Overlevering moet op juiste gronden gevestigd zijn. Zoals de heilige Cyprianus terecht zei: “Een gebruik zonder waarheid is niets anders dan een oude dwaling!” (Brief 74,9).   De ‘OVERLEVERING’ moet worden onderscheiden van ‘menselijke overleveringen’.
     
Als we de geschiedenis van de Kerk bestuderen, ontdekken wij een ‘impliciete’ en ‘dynamische’ overlevering die de mogelijkheid van de wijding van de vrouw wèl inhoudt. Het betekent dat Katholieken altijd, in het diepste van hun hart, geweten hebben dat de priesterwijding van de vrouw niet tegen Christus’ wil in zou gaan. Net zoals het echte katholieke geweten altijd wist dat slavernij fout zat, ondanks het feit dat de officiële leer verdedigd door pausen, theologen en het kerkelijk recht slavernij toestond.   De ware overlevering is vaak ‘latent’, dat wil zeggen: impliciet en onbewust vervat in andere overtuigingen.
Deze latente overlevering wordt gevonden in het feit dat enkele vrouwen toch gewijd werden; in het aanvaarden van priesterlijke functies in Maria; in het feit dat ook vrouwen in Christus’ naam het doopsel en het huwelijk hebben toegediend; in het ononderbroken christelijke bewustzijn dat vrouwen en mannen gelijk zijn ‘in Christus’, ondanks gangbare opvattingen en praktijken.   Slechts geleidelijk ontdekken wij de volle omvang van dit christelijke bewustzijn.
     
Theologische argumenten?    
     
Alleen mannen  .  .  .  ?De Romeinse theologen brengen naar voren dat in de eucharistie Christus alleen door een mannelijke priester vertegenwoordigd kan worden, omdat hij zelf een man was. Dit argument komt uit de Middeleeuwen toen, zoals we gezien hebben, iedere vrouw als een ‘onvolledige mens’ werd aangezien. Vanzelfsprekend dat men toen aannam dat alleen een volledige mens -- een man - Christus kan vertegenwoordigen. Ook in een gemoderniseerde vorm gaat dit argument niet op. Het spreekt de katholieke leer tegen. Ook vrouwen dragen het beeld van Christus in zich, als aangenomen kinderen van God. In het doopsel en het huwelijk vertegenwoordigen vrouwen Christus volledig. Trouwens, wat de priester vertegenwoordigt in de eucharistie is niet Christus’ mannelijke of vrouwelijke geslacht, maar zijn zichzelf opofferende liefde.   Er bestaan geen geldige gronden waarom een vrouw niet kan voorgaan bij de eucharistie als een andere Christus.
     
Onfeilbaar leerstuk?    
     
De deur uit  .  .  .  ?Rome heeft de verwarring nog vergroot door te beweren dat de zaak al ‘onfeilbaar beslist’ is -- niet door de paus, maar door het ‘gewone algemene leergezag’. Dit slaat op een gezamenlijke uitoefening van het leerambt door alle bisschoppen in de wereld. Rome neemt blijkbaar aan dat zij allemaal - door geen vrouwen te wijden en door niet over deze zaak te spreken - , zich onfeilbaar erover hebben uitgesproken!   Het wereld episcopaat oefent soms het onfeilbare leergezag uit..
     
Het is echter duidelijk dat de voorwaarden voor de uitoefening van dit onfeilbare algemene leerambt niet voldaan zijn. Bisschoppen hebben de plicht hierbij te luisteren naar het woord van God en acht te slaan op de ‘sensus fidelium’ (wat overtuigde Katholieken in hun hart geloven). Bovendien moeten de bisschoppen hun gezag als één lichaam uitoefenen. Zij moeten de zaak persoonlijk beoordelen en vrij zijn hun mening weer te geven. De bisschoppen moeten de leer als bindend willen opleggen. Aan geen van deze voorwaarden is voldaan.   De algemen Concilies van de Kerk hebben de grenzen van onfeilbaarheid duidelijk vastgelegd.
     
Wat nu?    
     
De huidige spanning binnen de Kerk inzake de wijding van de vrouw hoeft ons niet te zeer te verontrusten. Crisis en conflict gaan aan groei vooraf. De officiële Kerk zal tot een beter inzicht komen, zoals zij in zovele andere vraagstukken heeft gedaan. Maar tot de zaak is opgelost mogen wij onze plicht als verantwoordelijke Katholieken niet uit de weg gaan. Wij moeten onze mening laten horen -- want pas als ook in de Katholieke Kerk vrouwen priester gewijd worden, zal Christus’ bedoeling volledig verwerkelijkt zijn!    
     
Hier begint het debat!