OOK VROUWEN PRIESTER? JAZEKER!header

Responsive image

BEGIN

REDEN GENOEG

TEGEN DE PAUS?

DEBAT

MENU

Nederlands/Vlaams Deutsch Francais English language Spanish language Portuguese language Catalan Chinese Czech Malayalam Finnish Igbo
Japanese Korean Romanian Malay language Norwegian Swedish Polish Swahili Chichewa Tagalog Urdu
------------------------------------------------------------------------------------
Ook een vrouw kan handelen in persona Christi omdat vrouwen en mannen in Christus gelijk zijn

Ook een vrouw kan handelen in persona Christi omdat vrouwen en mannen in Christus gelijk zijn.

Rome beweert dat de vrouw niet tot priester gewijd kan worden, omdat zij, als vrouw, Christus die een man was, niet kan verbeelden

'"Sacramentele tekenen, ", aldus Thomas van Aquino, "vertegenwoordigen wat ze krachtens natuurlijke gelijkenis betekenen." Dezelfde natuurlijke gelijkenis wordt vereist voor personen als voor zaken; wanneer de rol van Christus in de Eucharistie sacramenteel moet worden uitgedrukt, zou de natuurlijke gelijkenis er niet zijn die bestaan moet tussen Christus en zijn bedienaar, als de rol van Christus niet wordt vervuld door een man: in zo’n geval zou het moeilijk zijn om in de bedienaar het beeld van Christus te zien. Want Christus zelf was en blijft een man '. Inter Insigniores § 7.

Vrouwen zijn niet minderwaardig

De eerste reden waarom dit argument vals is, is het feit dat de vooronderstelde filosofie niet juist is. De scholastieken, waar het document naar verwijst als bron van het argument, stonden een filosofie omtrent de seksen voor die door geen enkele Christen meer kan worden verdedigd. Voor Thomas van Aquino is de vrouw niet meer dan een 'incomplete man' en kan daarom geen 'grootheid' verbeelden. Hieruit besloot Thomas dat zij daarom niet op Christus kon lijken of zijn 'beeld' zijn. Maar het is toch duidelijk dat een dergelijke redenering haaks staat op de Schrift, een betere filosofie van de menselijke waardigheid nog daargelaten.

Lees Thomas’ eigen teksten.

De vrouwelijke sekse kan geen grootheid verbeelden.
Het feit dat vrouwen niet gewijd kunnen worden is gebaseerd op een veronderstelde drievoudige minderwaardigheid van de vrouw.
a. Vrouwen zijn biologisch gezien minderwaardig. In navolging van de mening van Aristoteles over de voortplanting, meende Thomas dat een vrouw geboren wordt door een of ander defect in het voortplantingsproces. Een vrouw is een ‘onvolkomen man’. De biologisch tweederangs status is ook duidelijk uit het geloof dat het mannelijk zaad de generatieve kracht bevat.De moeder verschaft alleen een schoot die het zaad/de foetus voedt. Deze mening was gemeengoed bij de Vaders.
b. Vrouwen zijn maatschappelijk gezien minderwaardig. Een vrouw is van nature ondergeschikt aan de man, omdat de menselijke rede, hoewel tot op zekere hoogte aanwezig bij zowel man als vrouw, veel sterker is bij de man .
c. Vrouwen worden geschapen als afhankelijk van de man. De man is het eerst geschapen. Hoewel man en vrouw beiden beeld van God zijn wat hun verstandelijke aard betreft, is de man beeld van God op een speciale manier.
Thomas stelt dat vrouwen vanwege deze aangeboren defecten geen grootheid kunnen betekenen en daarom Christus niet kunnen vertegenwoordigen als gewijde bedienaar.
Conclusie: Aangezien wij weten dat de vrouw absoluut gelijk is aan de man, zowel biologisch en maatschappelijk als in de scheppingsorde, is het argument onjuist. Dit argument berust in feite op de maatschappelijke en culturele vooroordelen van die tijd.

Hier volgt het oordeel van een hedendaagse theoloog:

“Thomas van Aquino was in veel opzichten een wijs man, maar zelfs hij was een product van zijn tijd. In de Summa Theologiae lezen we dat "aangezien het voor de vrouwelijke sekse niet mogelijk is grootheid te betekenen – een vrouw verkeert immers in een toestand van onderworpenheid – moeten we concluderen dat ze geen wijdingssacrament kan ontvangen." Bovendien is de ondergeschiktheid van de vrouw niet te wijten aan maatschappelijke omstandigheden. Sprekend over de kwestie of slavernij een beletsel is voor de wijding, schreef Thomas in de Summa dat "sacramentele tekenen betekenis ontlenen aan hun natuurlijke gelijkheid. Welnu, een vrouw is van nature ondergeschikt, een slaaf niet." Thomas meende ook dat "er in vrouwen niet genoeg kracht is om de wellust te weerstaan." Men zou beslist dienen te twijfelen over het wijden van een schepsel met zo beperkte begaafdheid.”

“We kunnen niet oordelen over Thomas van Aquino. Maar we weten wel beter. We weten dat de vrouw niet van nature minderwaardig is aan de man (vgl. de apostolische brief, Mulieris dignitatem van Johannes Paulus II, 1988). We weten dat een vrouw evenmin van nature ondergeschikt is als de man. De bezwaren van Thomas kunnen niet meer worden geciteerd als reden om de vrouw de wijding te weigeren. Andere redenen die minderwaardigheid inhouden kunnen dat net zo min. Dergelijk handelen zou haaks staan op ons huidige verstaan van het goede nieuws van Christus.”

Rose Hoover, ‘Consider tradition. The case for women's ordination’, Commonweal 126 no 2 (jan. 29, 1999), pag. 17-20. Hoover maakt deel uit van de staf van het retraitehuis het Cenakel in Metairie, Louisiana.

Een symbool is niet een fysieke gelijkenis

De tweede zwakke plek in de redenering van Thomas is dat hij natuurlijke gelijkenis (= exacte gelijkenis) ziet als een en hetzelfde als symbool (= teken met betekenis). Nu kan de sekse van Jezus van belang zijn in een schilderij dat we van hem maken, maar niet wanneer hij tegenwoordig gesteld wordt door een sacramenteel teken ofwel een symbool.

  • De verwarring is al duidelijk wanneer Thomas spreekt overde Eucharistie als teken van Christus’ lijden. Dat kan wel, maar hij vergelijkt het met een portret! De Eucharistie is echter geen portret van de Passie. Zij betekent de Passie op waarlijk symbolische wijze.
  • Thomas wijst nog op een ander symbool: het altaar. Dit, aldus Thomas, stelt het kruis tegenwoordig. Hier doelt hij op een echt symbool. Want het kruis boven het altaar lijkt uiteraard meer op het kruis. Het altaar lijkt niet op een kruis maar symboliseert het kruis, omdat, zoals Brood en Wijn op het altaar staan, zo hing Christus aan het kruishout.
  • Over de priester  zegt Thomas: ‘ook de priester gelijkt op Christus, in wiens persoon en door wiens kracht hij de consecratiewoorden uitspreekt’.
    Conclusie: Thomas had moeten beseffen dat het niet de natuurlijke gelijkenis in de priester is die er toe doet, maar het offer van Christus. Ook de priester is een ‘symbool’, geen natuurlijke gelijkenis.

Dit zegt Eric Doyle:

“Vergelijk eens de volgende teksten:
Summa Theologiae III, q. 83, art: I, ad 2: ‘Zoals de viering van dit sacrament een beeld is (imago repraesentiva)van Christus’ lijden, zo verbeeldt het altaar het kruis waaraan Christus in zijn eigen vorm en gedaante is gekruisigd.Thomas maakt duidelijk onderscheid tussen enerzijds imago repraesentativus en het altaar als repraesentativam van het kruis en anderzijds Christus offer in propria specie.
Ten tweede, dezelfde kwestie en hetzelfde artikel, ad 3: ‘Om dezelfde reden is de priester ook drager van het beeld van Christus (gerit imaginem Christi), in wiens persoon en door wiens kracht hij de woorden van de consecratie uitspreekt, zoals we hebben aangetoond. En zodoende zijn priester en slachtoffer een en dezelfde’. De Verklaring wil uit een vergelijking van ad 3 en ad 2 concluderen dat de priester een man moet zijn. Maar dit is nu net een conclusie die niet getrokken mag worden uit deze vergelijking. Immers, als ad 3: gerit imaginem Christi niet symbolisch verwijst naar Christus’ middelaarschap, wordt de parallel met ad 2 belachelijk.

“De viering van de eucharistie is het imago repraesentativa van Christus’ lijden en het altaar stelt het kruis voor. Noch de dubbele consecratie noch het altaar is een fysieke gelijkenis of een fotografische weergave van Christus’ kruisoffer. Als echte symbolen hebben ze echter een natuurlijke (innerlijke) gelijkenis met datgene wat wordt verbeeld. In de eucharistie is het offer van Christus sacramenteel, het is in genere signi, het is symbolisch. Als dus de priester volgens de Verklaring Christus verbeeldt (gerit imaginem Christi) ‘juist zoals de viering van dit sacrament de verbeelding is van Christus’ kruis [ Thomas zegt ‘passie’] dan kan er geen sprake zijn van een fysieke maar van een natuurlijke gelijkenis, dat wil zeggen een symbolische vertegenwoordiging van Christus de Middelaar. Thomas heeft niet zijn begrip ‘imago’ in de tekst  ad 3 en het een andere betekenis gegeven, zoals de Verklaring schijnt te zeggen; Thomas zegt: ‘Zoals de viering van dit sacrament een beeld is van de Passie van Christus…..En om dezelfde is de priester beeld van Christus’ . . .”

“ De viering van de Mis is niet een kopie van het Laatste Avondmaal of van Kalvarië. Als de natuurlijke gelijkenis tussen de bedienaar van de eucharistie en Christus formeel te maken had met de mannelijkheid van Christus, dan zou strikt genomen alles in het werk moeten worden gesteld om de priester van nu zo goed mogelijk te laten lijken op ons idee van een Jood uit de eerste eeuw. Dit is niet als spot bedoeld, het is de logische consequentie van het betoog in de Verklaring. Als natuurlijke gelijkenis fysieke gelijkenis betekent, dan dient de priester om het beeld te perfectioneren, zich bij de Mis te kleden zoals een Jood uit de eerste eeuw zich kleedde. De priester echter kleedt zich bij de Mis in een kleding die juist dient om zijn mannelijkheid te verbergen en in zijn menselijkheid zijn bediening als beeld van Christus de Middelaar heel duidelijk te maken. Dus kan wat van de eucharistie wordt gezegd, ook van alle sacramenten worden gezegd:‘de priester handelt . . . in persona Christi, bekleedt de rol van Christus, wordt zelfs diens eigen beeld wanneer hij de woorden van de consecratie uitspreekt.’. Men kan ook van een vrouw die het doopsel toedient zeggen dat ze handeltin persona Christi, dat ze de rol van Christus bekleedt, ja, zijn eigen beeld wordt, wanneer zij de woorden van de doop uitspreekt.”

Eric Doyle, ‘The Question of Women Priests and the Argument In Persona Christi’, Irish Theological Quarterly 37 (1984) 212 - 221, hier pag. 217 - 218

Vertaling Theresia Saers

Klik hier als U onze campagne voor de wijding van vrouwen aktief wilt steunen..

historische overzichten

Vermeld a.u.b. dat dit documentontleend is aan www.womenpriests.org!


This website is maintained by the Wijngaards Institute for Catholic Research.

John Wijngaards Catholic Research

since 11 Jan 2014 . . .

John Wijngaards Catholic Research